"Hand in hand door de seizoenen" deel 3 Winter

→ de poppenkast staat er met de muisjes en eekhoorns die liggen te slapen.

→ de boswachter vertelt hoe het komt dat ze daar zo samen liggen te slapen:

De muisjes en de eekhoorns zaten in hun winterverblijf. Ze zaten er al een tijdje en toen kregen ze het koud en werden ze zijn stiller en stiller… ze wisten na een tijdje niet meer wat ze tegen elkaar konden vertellen.

Opeens zei eekhoorn Pluimstaart dat Pim eigenlijk niets gedaan had in de herfst, terwijl hij en de muisjes hard gewerkt hadden om een voorraad voor de winter bijeen te zoeken.

Pim zei dat hij ook verzameld had !                                        
Maar de muisjes en Pluimstaart hadden hem toch geen nootjes zien rapen …
Pim zei: Maar ik verzamelde zonnestralen, kleuren en woorden. Want de winter duurt zo lang en dan krijgen we het koud, lijkt alles grijs hier in ons winterverblijf en weten we niet meer wat tegen elkaar moeten vertellen.
Pluimstaart: En wat hebben wij daar aan? Jij kan wel van onze nootjes eten!

Pim zei: Doe je ogen maar eens dicht! En hij klauterde op een grote steen.
Zullen wij onze ogen ook eens dicht doen en luisteren wat Pim vertelde? (kls doen hun ogen dicht)
Nu stuur ik jullie mijn zonnestralen! Voel je hun warmte, hun gouden gloed … de stralen van de zon schenen lekker warm op onze hoofden, armen en benen. We konden in het gras gaan liggen en genieten van de warmte.

En terwijl Pim tegen de muisjes en Pluimstaart sprak van de zon en de zomer, werden ze al warmer en warmer.
Voelen jullie het ook?

De muisjes en de eekhoorn reageren: ooh, ik kan het precies al voelen! Heerlijk!
En de kleuren, vertel eens over de kleuren!

Doe jullie ogen nog maar eens dicht! Denk maar eens aan de mooie gele zonnebloemen, de zacht roze en oranje bloemen. Aan de bomen hingen mooie groene blaadjes, soms waren het donker groene, maar er waren ook frisse lichtgroene bij. In de plantenbakken stonden ook blauwe bloemetjes!

Miep zei: Nu weet ik het weer! Ooh die mooie gele zonnebloemen!
Piep zei: Ja! En die mooie groene blaadjes!
Pluimstaart vroeg: En de woorden? Vertel daar eens over!

Luister maar eens naar het gedicht van Pim:

De winter is zo lang en koud
en muizen en eekhoorns zijn maar klein
Het valt niet mee, o nee, o nee
om nu een muis of eekhoorn te zijn

Maar wij zijn met ons vieren
in een holletje van steen
dat maakt een heel verschil
want zo is geen van ons alleen.

Wij dromen van de zonneschijn
van graan en beukenootjes
daar krijg je warme oortjes van
en lekker warme pootjes

Nog eventjes, nog eventjes
de lente komt er aan!
Dan wordt het weer een leventje
van zonneschijn en graan!

 

En toen vielen ze samen in slaap en droomden van de lente!